Als je Calling roept…

“Maandagochtend, ik ben een beetje gespannen, ook een beetje opgewonden. Was op tijd wakker en natuurlijk ruim op tijd in het ziekenhuis aangekomen, want ik wil natuurlijk wel een goede indruk maken op mijn eerste dag. Fijn dat ik het ziekenhuis van mijn co-schappen al ken, dat voelt dan in ieder geval een beetje vertrouwd. Witte jas aan, zakken vol met bijbehorende parafernalia, hoe meer je een ‘groentje’ bent, hoe meer spullen zoals iedereen weet, dus ruim gevuld in mijn geval……. Met een gezonde dosis zelfverzekerdheid want fake it till you make it, en toch ook de nodige onzekerheid loop ik door de gang van ‘mijn’ afdeling. Ik hoor de verpleegkundige tegen een patiënt zeggen ‘de dokter komt zo bij u’. In een reflex kijk ik even snel achterom naar de dokter, totdat ik besef, oeps, de dokter, dat ben ik, ze bedoelt mij!”

Daar sta je dan na al die jaren studeren, als dokter, een hoogopgeleide professional! Klaar voor de praktijk en na je specialistenopleiding eindelijk daar waar je wilde zijn; je bent een medisch specialist. Je bent trots, enthousiast, super gedreven en je gaat ervoor met al je opgedane kennis en vaardigheden.

Maar dan….

  • Blijkt dat je irritant veel tijd kwijt bent met alles driedubbel registeren in niet compatibele ICT systemen.
  • Heb je er voor je gevoel ’s ochtends al een hele werkdag op zitten. Kinderen gevoed en aangekleed om ze als één van de eersten af te leveren bij het dagverblijf. Hond uitgelaten. Huis netjes achtergelaten. Om maar niet te spreken over wat je allemaal al weer hebt geregeld voor de rest van de dag.
  • Hangen de patiënten met de benen buiten en wordt je spreekuur altijd te vol gepland.
  • Zijn er opeens wel heel veel overleg-dingetjes waar je bij hoort te zijn (meestal na je werkdag… pfff)
  • Zit je in no time in de nodige commissies die tijd kosten en zijn de vakgroepvergaderingen niet perse altijd inspirerend.
  • Oh ja, dan was er ook nog een thuisfront.

Hoe houd jij je roeping, je gedrevenheid, overeind in deze ‘dynamische omstandigheden’? Ik heb jaren onderzoek gedaan naar wat je als dokter het belangrijkste vindt in je vak. Wat je nodig hebt om goed tot je recht te komen, om je Calling overeind te houden.

Waar we het over hebben als het over je Calling gaat?
Volgens de Dikke van Dale is roeping ‘datgene waartoe iemand zich geroepen of bestemd voelt; innerlijke aandrift’. Dat klinkt vrij groots en hoogdravend, beetje intimiderend misschien zelfs. Terwijl het gewoon de combinatie is van drie ingrediënten: doen wat je leuk vindt/waar je goed in bent, werk doen wat er toe doet, en het leven van een ander een stukje beter maken/een ander helpen…  

Sweet-spot Calling


Oké. En nu dan?

🔑 Er is geen gouden sleutel. Maar met deze 4 quick-wins zet je wel die eerste stap.

  1. Vier je successen en vier ze GROOTS
    In de gezondheidszorg ligt de nadruk veel te vaak op alles wat er niet goed is of anders zou moeten. En alles wat wél goed gaat, ach, daar hebben we het niet over. Daar word je nou niet per se echt vrolijk van. Dus: sta eens nadrukkelijk stil bij alle zaken waar je tevreden over bent, die je goed hebt gedaan. Het fijne gevoel toen die ene patiënt vertelde zo blij met jou als haar dokter te zijn, je collega die blij was met je luisterend oor toen hij het even nodig had, de vakgroep-BBQ die je geregeld hebt en die super gezellig was, dat moeilijke gesprek met je collega waar je tegenop zag en wat goed uitpakte. En als het even moeilijker gaat? Zoek dan bewust naar de zogenaamde ‘positieve uitzondering’: die keer dat het je wél lukte. Wat deed je toen dat je misschien nu weer kunt doen? Kortom: zoek naar en koester alle kleine en grotere successen die er elke dag zijn.

  2. Waardeer meer
    ‘Je hoort het wel als het niet goed is’…. Complimenten geven zit (nog) niet zo in de dokters genen. Misschien wel richting A(N)IOS of medewerkers, naar elkaar toch echt weinig. En toch is het brandstof om met plezier je werk te doen. Gewoon even zeggen dat je het fijn vond dat je collega even met je meekeek, dat je het waardeert dat je even tegen hem/haar aan mocht zeuren, dat je zo lekker samen hebt gewerkt, verzin het. Er is genoeg. Door je waardering uit te spreken, geef je de ander een goed gevoel. En daar word jij zelf ook weer vrolijker van. Uit onderzoek blijkt trouwens dat je 3 complimenten nodig hebt om één kritiek punt te kunnen verteren…

  3. Pak je verantwoordelijkheid
    Om maar met de grootste open deur te beginnen: zorg voor jezelf, fysiek en mentaal. Doe dat op de manier die bij jou past. Of dat nu sporten, juist niks doen, binge-watchen, mindfulness of borrelen met vrienden is. Whatever works for you. Onderzoek waar je talenten liggen en probeer die nog meer in te zetten. Kijk op je werk naar taken die bij je passen, waar je blij van wordt. Volg die leuke nascholing,  verdiep je vakinhoudelijk verder. Tank inspiratie door je te ontwikkelen op het gebied van je niet-medisch inhoudelijke vaardigheden, door  met je persoonlijke ontwikkeling bezig te zijn.

  4. Zorg voor elkaar
    Je collega’s zijn -bewezen- ontzettend belangrijk: voor jouw eigen werkplezier en om goed uit de verf te komen. Investeer daar dus zelf ook in. Als jij er voor je collega bent, zal dat andersom ook zo zijn als jij het nodig hebt. En dat moment komt altijd. Waardeer de inbreng van de  ander, draag zelf actief bij aan een plezierige sfeer. Durf te laten zien waar jij mee worstelt. Als jij je open en kwetsbaar opstelt, zul je de drempel voor de ander om dat ook te doen enorm verlagen. Daar wordt contact, of dat nu op het werk of thuis is, rijker van. Weet wanneer je even niets hoeft te zeggen en een ander het podium moet gunnen, wanneer je proactief je hulp aan kunt bieden wanneer je collega het even moeilijk heeft. Je kent het vast wel, de vakgroepvergadering: de ‘usuals suspects’ hebben het hoogste woord, er zijn collega’s die afwachtend zijn en anderen zijn na 10 minuten al mentaal geëmigreerd.  Herken jij je in een van deze rollen? Ben jij die usuals suspect, dan kun je een ander eens actief aan het woord laten in plaats van zelf het hoogste woord te hebben. Hoor je tot de afwachtende garde, dan kun je proactief je mening geven want die doet ertoe. En ben je de mentaal geëmigreerde, realiseer je dan dat anderen moeite hebben gedaan, om iets voor te bereiden, de vergadering voor te zitten of op een andere manier bij te dragen. Het minste wat jij kunt doen is je verantwoordelijkheid nemen en actief meedoen.


Hoe zit het met jouw Calling? >>> Doe de check!
(meteen uitslag en nee, niet per mail)

Ben je helemaal enthousiast en wil je er deze keer écht wat mee? >>> Wij zijn er voor je

En als laatste: wat je ook doet, het maakt niet uit. Maar (punt 3) pak je verantwoordelijkheid…

Het is tijd voor JOU!
Liefs Myra  

Meer van dit soort blogs?

Deze website maakt gebruik van cookies

We gebruiken cookies om de inhoud van onze website te personaliseren en het verkeer te analyseren. Geef aan wat je cookies voorkeuren zijn.

Voorwaarden | Sluiten
Instellingen